De evacuatie van het Rivierenland is één van de grootste evacuaties uit de recente Nederlandse geschiedenis. Op 31 januari 1995 en in de dagen daarna werden 250.000 mensen verplicht uit het Rivierenland geëvacueerd vanwege de gevaarlijk hoge waterstand van de Rijn, de Maas en de Waal. In het geval dat de dijken daadwerkelijk waren doorgebroken zouden vele plaatsen in de Betuwe, de Bommelerwaard en het Land van Maas en Waal tot ongeveer vijf meter onder water zouden komen te staan, de eerste twee verdiepingen van uw huis.

Voor velen kwam de mededeling dat er verplicht geëvacueerd moest worden heel kort voor het moment dat men daadwerkelijk het gebied uit moest zijn. In allerijl werden bezittingen in veiligheid gebracht, bijvoorbeeld op zolder die bij een eventuele dijkdoorbraak wellicht niet zou onderlopen.

Dinsdagsmiddags 31 januari kondigt de Commissaris van de Koningin Jan Terlouw de verplichte evacuatie van de 140.000 mensen in de Betuwe af. De waterstand bij Lobith is nu NAP +16,63 m, ruim boven het record van 1993.
Woensdag 1 februari: bij Ochten is de situatie zeer kritiek. Honderden militairen bedwingen met tonnen zand een schuivende dijk. Het dorp wordt in snel tempo ontruimd, inwoners vluchten, het dorp is wereldnieuws. Burgemeester Zomerdijk is dan vele malen op de televisie te zien. Een man die het gevaar van een dreigende overstroming intens heeft gevoeld en naar bevinden heeft moeten handelen.

Wij prijzen ons gelukkig dat wij burgemeester Zomerdijk hebben weten te strikken voor een lezing. Uit de eerste hand horen u hoe bestuurlijk en persoonlijk is gereageerd op het dreigende onheil.

Zoals alle lezingen van Voet van Oudheusden wordt ook deze lezing gegeven in de Evangelisch Luherse kerk aan de Achterstraat 2 in Culemborg. Aanvang 20:00 uur, kerk open om 19:30.