tekstVoor bijna iedereen is het vanzelfsprekend dat er concertzalen of grote muziekfestivals zijn. Maar twee eeuwen geleden was dat onbekend. In deze lezing laat Pierre van der Schaaf de opmars zien en horen van professionele symfonieorkesten in ons land. Hoe enerzijds korpsen van de schutterij en bioscooporkesten transformeerden tot professionele orkesten en anderzijds professionele orkesten als ‘statussymbool’ werden geformeerd.

Daarnaast is er aandacht voor de amateurkunst, onder andere in Culemborg waar de naam van Pieter Aafjes (Voetnoot 2013-49) tot op de dag van vandaag voortleeft.

In de loop van de 19-de eeuw werden concerten steeds meer openbaar. Er werden concertzalen gebouwd en ‘de gewone man’, was, mits hij voldoende te spenderen had, welkom. Duidelijk zichtbaar was dat in Amsterdam waar de deftige sociëteit Felix Meritis rond 1870 zijn deuren zelfs voor vrouwen en Joden (sic) opende. De realisatie van het Concertgebouw in Amsterdam in 1888 veranderde alles grondig: er kwam een professioneel orkest dat, tot op de dag van vandaag wereldfaam vergaart.

Tijdens de oorlog zorgde de Duitse bezetter enerzijds voor een zodanige verhoging van de salarissen van de orkestmusici dat zij van hun werk konden leven maar anderzijds werd lichte muziek beknot. Niet alleen De Remblers (zoals The Ramblers toen heetten) maar ook het Joods Symphonie Orkest en Johnny & Jones (met hun Westerbork Serenade) passeren daarbij de revue.

Na de oorlog bleef dat salarisniveau gehandhaafd en steeg het aantal orkesten én de kwaliteit ervan. Vanaf de jaren ’60 was er sprake van tal van ontwikkelingen: Gustav Leonhardt, Ton Koopman en Frans Brüggen zorgden voor authentieke klanken, de Notenkrakersactie verstoorde een concert van het Koninklijk Concertgebouworkest (en wilde meer ruimte voor experimentele muziek) en er kwamen tal van nieuwe concertzalen tot stand. Maar eind 20-ste eeuw kwam het muziekleven in zwaar weer terecht: er werden orkesten opgeheven en samengevoegd en het aantal musici dat van het muziek maken kon leven daalde desastreus. Terug bij AF zonder iets te ontvangen? De lezing wordt rijk gelardeerd met historisch beeld- en geluidsmateriaal. Pierre (1945), van huis uit professioneel musicus (en oud-directeur van de Tielse Muziekschool en nu voorzitter van de Stichting Cultuurfonds Culemborg), houdt zich na zijn pensionering graag bezig met muziek en historie en verzorgt daarover regelmatig lezingen.

Deze lezing wordt gehouden in Theater De Fransche School, Havendijk 1, Culemborg. Aanvang 20:00 uur, zaal open: 19:30.