Op 11 maart 2020 hield IJsbrand Verveer een lezing over de scheepvaart op de Lek in de 19e en 20e eeuw. Hij begon zijn lezing een schilderij van de Lek. Maar waar precies moest je deze afbeelding plaatsen? Eén van de aanwezigen in de zaal wist het antwoord: de Lek bij Culemborg. Hij kende het schilderij. Het is gemaakt toen de spoorbrug er al was (na 1868 dus!) maar de schilder heeft de brug weggelaten. En dat maakt het lokaliseren een stuk ingewikkelder!
IJsbrand is een verwoed ansichtkaartenverzamelaar: al 40 jaar verzamelt hij met name fotokaarten waarop de Lek, Lekboten en de plaatsen langs deze rivier zijn gefotografeerd. Bijvoorbeeld Foto Tukker maakte al in 1910 vele mooie foto's van de dagelijkse gang van zaken op en rond de rivier. Deze blijken een inspiratiebron voor boekjes en lezingen! Een van die boten, de Kapitein Anna, is nog te bezoeken in Amsterdam.


Hoewel de hele zaal weet hoe de eerste stoomlocomotief heet (de Arend) en van wanneer die onder stoom is gebracht (1839), weet niemand de naam van de eerste stoomradarboot (de Defiance) en het jaar waarin deze gebouwd werd (1816). Deze stoom(radar)boten waren er dus al veel eerder dan de stoomtreinen.
In 1857 besloten een aantal ondernemende personen een bootdienst op de Lek in de vaart te brengen die een verbinding moest worden tussen Rotterdam en Schoonhoven. Drie maanden na de oprichting van de onderneming werd voor 7.000 gulden een tweedehands radarstoomboot gekocht die vervolgens als de Schoonhoven in de vaart kwam. Het schip vervoerde personen, vee en vracht. In 1865 kon het tracé van de verbinding verlengd worden naar Vreeswijk en het jaar daarop naar Culemborg. Daarvoor werd de radarstoomboot Vreeswijk in de vaart gebracht. Dit schip, gebouwd in 1851, werd overgenomen van de Culemborgsche Stoomboot Rederij. Later versterkten nog vele andere stoomradarboten de vloot. In die tijden ontstond in Nederland een heel netwerk van kleine diensten met boten van verschillende rederijen. In latere jaren namen de bussen deze netwerken over.

IJsbrand neemt de Voetleden aan de hand van historische foto's mee in de tocht langs de Lek die deze, en volgende stoomradarboten, maakten. De boten stopten 25 tot 27 keer bij alle haventjes onderweg en deden uren over die reis (die volgens een dienstregeling verliep). Hij vertelde van het leven op zo'n schip. Zo woonde de hofmeester met zijn gezin aan boord. Voor de bemanningsleden was het hard werken, maar tussendoor werd een sigaartje gerookt en domino gespeeld. Volgens de poëtische beschrijvingen van Herman Man, waar IJsbrand uit citeerde, werd er in de salons door de mannen vergaderd, hielden de vrouwen er theekransjes en schreven kinderen strafregels tijdens de tochten. Lees meer over dit onderwerp bij Culemborg Zoals het Was.
Na de lezing sloot de voorzitter van Voet de avond en bood de Voetnoot over de spoorbrug aan, zodat de leemte op het schilderij waarmee IJsbrand begon, alsnog kon worden gevuld.